Voorgestelde tarieven kwekersrecht en toelating en DUS-onderzoek 2026
De tarieven van de Raad voor plantenrassen worden jaarlijks door de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur vastgesteld. De tariefvoorstellen komen van Naktuinbouw en de Raad voor plantenrassen gezamenlijk. Bijgaand bericht gaat over de voorgestelde aanvraagtarieven voor kwekersrecht en toelating en DUS-onderzoek voor 2026.
Indexering tarieven t.o.v. 2025
- Gemiddelde indexatie: 6% verhoging op alle tarieven van 2025.
Onderbouwing van de indexering
Naktuinbouw past jaarlijks de loon- en personeelskosten aan op basis van het gemiddelde van drie cao’s binnen de sector: Open Teelten, Glastuinbouw en Tuinzaden.
Voor 2026 wordt uitgegaan van een loonindexatie van 5%, mede op basis van recente cao-ontwikkelingen.
Daarnaast worden periodieke schaalverhogingen meegenomen, waardoor de totale stijging van de loonkosten uitkomt op 6%.
Deze aanpassing zorgt ervoor dat Naktuinbouw marktconform blijft en de personeelskosten op een transparante en verantwoorde wijze worden beheerd.
Online aanvraagtarief, ook in 2026 voor alle sectoren gelijk
- Nieuw tariefvoorstel: eenzelfde online aanvraagtarief van € 354,- voor alle sectoren omdat nagenoeg alle nationale aanvragen online worden ingediend.
Bekijk ook
Nieuwsbericht
Onderhoud website
Op dinsdag 27 januari wordt er onderhoud aan de website uitgevoerd.
Nieuwsbericht
Wijziging inlevereisen stam- en stokbonen
In 2026 gaat Naktuinbouw starten met de implementatie van UPOV Model 2 voor DUS onderzoek van bonenaanvragen.
Deze methode combineert moleculaire data (gebaseerd op genetische afstanden) met fenotypische waarnemingen (gebaseerd op morfologische kenmerken).
Model 2 vervangt de morfologische beoordeling niet; het gebruikt moleculaire gegevens om het DUS-proces te optimaliseren en evt. te verkorten.
Binnen dit model wordt de eerste selectie van vergelijkingsrassen gebaseerd op DNA-analyse, gevolgd door een 1e proef waarin de morfologische kenmerken worden beoordeeld en waarin wordt gecontroleerd of geen rassen over het hoofd zijn gezien. Daarna volgt indien nodig nog een 2e onderzoeksjaar.
Uniformiteit wordt in het veld beoordeeld.